come-dio-comanda.bmp 

‘Zo God het wil’ klonk als een liefdesbetuiging aan de Heer, maar Ammaniti kennende moest er meer aan de hand zijn. Het draait in dit boek dan ook niet om een paar vrome gelovigen, maar om een stelletje aandoenlijke criminelen die hun lot (gemakzuchtig) in handen van God leggen en zichzelf niet verantwoordelijk stellen voor hun daden. Uiteraard met een fatale afloop…

Sinds ik dit boek heb gelezen kom ik gek genoeg ineens opvallend vaak met mensen in aanraking die iets met het geloof hebben. Zo belandde ik vandaag bij de doop van mijn bovenbuurmeisje. Ik voelde me wat ongemakkelijk bij de liederen tijdens de kerkdienst die ik niet uit mijn hart kon meezingen, maar ik vond het mooi om er bij te zijn. Ik wist immers hoe belangrijk deze dag was voor de dopeling in spé, maar: ik geloof in haar, niet in Hem!

Voor de echte doop moesten we ons verkassen van de kerk naar het Valkenburgse meer, wat een bijzonder schouwspel opleverde tussen alle badgasten en surfers. De dopelingen mochten één voor één in een prachtig wit gewaad het water in en werden door twee dopers ondergedompeld. Wat hadden ze een geluk met het weer! Of moest het zo zijn en heeft een hogere macht toch een handje geholpen? In ieder geval was iedereen erg onder de indruk van twee witte vliegtuigstrepen in de lucht die samen een wel heel toepasselijk kruis vormden…

Na dit festijn was ik ernstig toe aan een likje zonnebrandcrème, drinken, twee boterhammen, luchtigere kleding (Als buitenstaander had ik het zekere voor het onzekere genomen en enigszins nette, maar voor deze zonnige dag veel te hete, kleding aangetrokken. En dan blijkt de rest van het gezelschap natuurlijk gewoon grotendeels op slippers en met een korte broek/rok aan te lopen…) en een park. En toch maar weer een nieuwe Ammaniti: ik haal je op, ik neem je mee!

Boeken doop Geloof God Interessante events Boeken doop Geloof God Interessante events

‘We moeten elkaar een tijdje niet zien,’ zei de mier.
‘Waarom niet?’ vroeg de eekhoorn verbaasd. Hij vond het juist heel gezellig als de mier zo maar langs kwam. Hij had zijn mond vol pap en keek de mier met grote ogen aan.
‘Om erachter te komen of we elkaar zullen missen,’ zei de mier.
‘Missen?’
‘Missen. Je weet toch wel wat dat is?’
‘Nee,’ zei de eekhoorn.
‘Missen is iets wat je voelt als iets er niet is.’
‘Wat voel je dan?’
‘Ja, daar gaat het nou om.’
‘Dan zullen we elkaar missen,’ zei de eekhoorn verdrietig.
‘Nee,’ zei de mier, ’want we kunnen elkaar ook vergeten.’
‘Vergeten! Jou?!’ riep de eekhoorn.
‘Nou,’ zei de mier, ‘schreeuw maar niet zo hard.’
De eekhoorn legde zijn hoofd in zijn handen.
‘Ik zal jou nooit vergeten,’ zei hij zacht.
‘Nou ja,’ zei de mier. ‘Dat moeten we nog maar afwachten. Dag!’
En heel plotseling stapte hij de deur uit en liet zich langs de stam van de beuk naar beneden zakken.
De eekhoorn begon hem onmiddellijk te missen.
‘Mier,’ riep hij, ‘ik mis je!’ Zijn stem kaatste heen en weer tussen de bomen .
‘Dat kan nu nog niet!’ zei de mier. ‘Ik ben nog niet eens weg!’
‘Maar toch is het zo!’ riep de eekhoorn.

De volgende middag hield hij het niet langer uit en ging de eekhoorn naar buiten. Maar hij had nog geen drie stappen gedaan of hij kwam de mier tegen, moe, bezweet, maar tevreden.
‘Het klopt,’ zei de mier. ‘Ik mis jou ook. En ik ben je niet vergeten.’
‘Zie je wel,’ zei de eekhoorn.
‘Ja,’ zei de mier. En met hun armen om elkaars schouders liepen zij naar de rivier om naar het glinsteren van de golven te gaan kijken.

rozejungle.jpg   

rivierjungle.jpg 

Prachtig mooi verhaaltje van Toon Tellegen uit ’Misschien wisten zij alles’. Jeugdsentiment.

Boeken jeugd missen Toon Tellegen Boeken jeugd missen Toon Tellegen

Helaas Pieter is niet meer, maar zijn schrijfsels zijn wel bewaard gebleven: Kaboenk!

Boeken Kaboenk Boeken Kaboenk

Dit fragmentje uit het boek Nachttrein naar Lissabon is in het kader van alle nieuwe media ook nog wel leuk om hier te belichten, moeder Prado die een bandrecorder heeft gekocht om de stemmen van haar gezin op te nemen:

”Toen ze klaar was met citeren, begon Adriana te vertalen. Dat het allemaal mogelijk was, nee, dat verbaasde hem niet, zei Prado. Het technische principe kende hij uit de geneeskunde. ‘Maar ik hou niet van wat het met de woorden doet.’ Hij wilde zijn stem niet van buiten horen, dat wilde hij zichzelf niet aandoen, hij vond zichzelf zo al onsympathiek genoeg. En dan ook nog het invriezen van het gesproken woord: je sprak meestal toch met het bevrijdende bewustzijn dat het meeste van wat je zei vergeten zou worden. Hij vond het vreselijk te moeten denken dat alles zou worden bewaard, elk onoverdacht woord, elke smakeloze opmerking. Het deed hem denken aan de indiscretie van God.

‘Dat mompelt hij alleen maar,’ zei Adriana, ‘mama wil zoiets liever niet horen en Fátima voelt zich er hulpeloos bij.’

Het apparaat verstoort de vrijheid van het vergeten, zei Prado verder. ‘Maar ik neem je het echt niet kwalijk , mamma, het is erg grappig. Je moet niet alles zo serieus nemen wat je o zo slimme zoon zegt.”’

Boeken Nachttrein naar Lissabon nieuwe media vergeten vrijheid Boeken Nachttrein naar Lissabon nieuwe media vergeten vrijheid

femlezen.JPG

…uitkomen op het strand van Corfu. Hmm…daar was zeker iets fout gegaan? Het goede nieuws was dat ik eindelijk echt tijd vond om me te laten meeslepen door een boek dat wat meer concentratie vergde dan een Nicci French. Zo zag ik op weg naar Corfu pas echt de mogelijkheid om in ‘Nachttrein naar Lissabon’ te stappen en het eindstation te bereiken, eerst kwam ik niet verder dan de deuropening. Uiteindelijk bleek het een filosofische roman die zeker het lezen waard was. Vooral de schrijfsels van arts Prado waren treffend. Het is eigenlijk ondoenlijk om een passage uit het boek te kiezen om er uit te lichten, maar zijn haat/liefdeverhouding met de kerk is wel zo schitterend beschreven:

 ”Ik wil niet in een wereld zonder kathedralen leven. Ik heb hun schoonheid en verhevenheid nodig. Ik heb ze nodig als verzet tegen de platvloersheid van de wereld. Ik wil opkijken naar de stralende kerkramen en me laten verblinden door hun bovenaardse kleuren. Ik heb hun glans nodig. Die heb ik nodig als verzet tegen de smerige eenheidskleur van uniformen. Ik wil mijzelf hullen in de bittere kou die in de kerken hangt. Ik heb hun gebiedend zwijgen nodig. Ik heb het nodig als verzet tegen het gebral van de kazernes en het stompzinnige gezwets van de meelopers. Ik wil het bruisende geluid van het orgel horen, die stortvloed van bovenaardse klanken. Ik heb die klanken  nodig als verzet tegen de schelle lachwekkendheid van marsmuziek. Ik houd van biddende mensen. Ik heb hun aanblik nodig. Ik heb die nodig als verzet tegen het verraderlijke gif van de oppervlakkigheid en stompzinnigheid. Ik wil de machtige woorden van de bijbel lezen. Ik heb de magische kracht van hun poëzie nodig. Ik heb ze nodig als verzet tegen de verwaarlozing van de taal en de dictatuur van de leuzen. Een wereld zonder die dingen zou een wereld zijn waarin ik niet meer wil leven.

Maar er is ook een andere wereld, waarin ik niet wil leven: de wereld waarin het lichaam en het zelfstandig denken worden zwartgemaakt en waarin dingen als zonden worden gebrandmerkt die tot het beste behoren wat we kunnen meemaken…”

Waarschijnlijk is het de herkenbaarheid van de woorden die me raakt. Misschien had mijn pappa ook zoiets kunnen schrijven: ik ben als totaal ongelovige opgevoed, maar mijn vader sleepte me op vakanties in Italië altijd wel van kerk naar kerk. Wellicht als vlucht voor de hitte. Maar hij hield vooral ook van de Bijbel, als zijnde een ongelooflijk, geweldig sprookjesboek.

bijbel Boek Boeken filosofie kerken Nachttrein naar Lissabon taal bijbel Boek Boeken filosofie kerken Nachttrein naar Lissabon taal